Voorbij alle beelden - tijdloze mystiek

Dit najaar presenteert het Soeficentrum Rotterdam een aantal avonden waarin het werk van bekende mystici uit voorbije eeuwen centraal staan. Het hele werk van Hazrat Inayat Khan staat in het teken van de persoonlijke verhouding van de mens met het Goddelijke. Hij heeft op een moderne manier, via de opzet van de innerlijke school, vorm gegeven aan de mogelijkheid om de eigen spiritualiteit verder te ontwikkelen. Het Soefisme van Hazrat Inayat Khan is misschien het meest bekend door de Universele Erediensten, welke op veel plekken in Nederland gehouden worden. Minder bekend is dat de kern van zijn lering de mystiek betreft, de innerlijke weg. Mystiek in de betekenis zoals deze vanaf de oudheid bekend is: Het samenvallen van de menselijke ziel met het Goddelijke. In die betekenis kan gesproken worden van “universele” mystiek. Mystici van allerlei achtergronden, vanuit alle religieuze stromingen, hebben persoonlijke verslagleggingen achter gelaten. Hun ervaringen zijn soms aanleiding geweest tot het ontstaan van een nieuwe religie. Het Soefisme van Hazrat Inayat Khan is géén nieuwe religie, maar gaat uit van de eenheid en de overeenkomsten in alle religieuze stromingen in mystieke zin. Om actief samen te onderzoeken waar deze overeenkomsten te zien zijn wordt het werk van een aantal bekende mystici onder de loep genomen. De serie is als volgt opgebouwd:

Inhoud van de avonden

De eerste avond staat in het teken van de werken van Meister Eckhart (1260 – 1327). Aan de hand van tekstfragmenten kunnen we, over de eeuwen heen, de actualiteit van zijn leringen en preken herkennen. Zijn preken en traktaten, bedoeld in zijn functie als zielzorger voor de nonnen in de kloosters, zijn bewaard gebleven en staan vooral sinds de jaren zestig weer in de belangstelling. Voor hem staat het leegmaken van de geest centraal om een Godsontmoeting mogelijk te maken. In zijn tijd was het baanbrekend om te durven spreken dat de geest zo leeg moest zijn, dat men zelfs afstand moet doen van alle beelden die men over God heeft.

De tweede avond staat in het teken van de werken van Johannes van het Kruis ( 1542 - 1591). Deze mysticus staat bekend om een aantal gedichten, strofen en zijn eigen uitgeschreven toelichting op deze teksten. “De donkere nacht van de ziel” is een bekend werk. Beroemd is zijn tekening van de berg Karmel, in tekst, in zinnen, met “nada, nada, nada” als hoogste bereiking. Op zich ook een vingerwijzing naar het belang van beeldloosheid. Veel boeddhisten nemen deze tekst ter harte aan alsof het hier gaat om een tekst waar het Goddelijke buiten spel staat. Maar niets is minder waar: Alles gebeurt “binnenin” God, het “niets, niets, niets”, de top van de berg, is geplaatst in het Godsbesef. Het gaat om de plaats van de geesteshouding, het vrijmaken van alles wat wij weten, ook “over” God, waardoor het Goddelijke zich aan ons kan “tonen”. Niet wat wij denken over God staat centraal, maar wat wij in de leegte van het “niet weten” kunnen toelaten.

De derde avond staat in het teken van de werken van Jan van Ruusbroec (1293 – 1381). Deze mystieke leraar heeft zich toegelegd op uitleg en overdracht van de mystieke ervaring. Er is veel materiaal bewaard gebleven, in de jaren zeventig hertaald uit het Middeleeuws Nederlands en uitgegeven in een tiendelig standaardwerk. Voor de mystieke opgang zijn de delen “Van de blinkende steen”, “Van de zeven trappen” en natuurlijk “De geestelijke bruiloft” van groot belang. Bij Ruusbroec staat de ethiek voorop: Het aandacht schenken aan persoonlijke vorming, het ontwikkelen van “deugden”, het belang van zuivering (bekend als “purification” op de mystieke weg) komen alle aan de orde.

De vierde avond aandacht voor de werken van een bekende middeleeuwse mystica: Hadewijch (13e eeuw). Van haar werk zijn de brieven die ze voor haar medezusters schreef te zien als overdracht van haar kennis als mystica. Daarnaast zijn haar visioenen in tekst bewaard gebleven. Visioenen moeten vooral geduid worden in de tijd van de Middeleeuwen: In kerkelijk opzicht werden deze noodzakelijk geacht voor de menselijke opgang naar het Goddelijke, uit deze verslagen maakte men de spirituele ontwikkelingsgang op. Johannes van het Kruis heeft deze traditie al willen doorbreken, omdat hij, net als Ruusbroec en Eckhart, juist nadruk legde om te komen “voorbij de beelden”. Deze mystici zagen het gevaar: Visioenen werden gezien als “bewijs” voor de mystieke ontmoeting, terwijl men dan eigenlijk nog in “het voorportaal” staat. Ook Hadewijch waarschuwde hier zelf al voor, want zagen wij “God” als “God” dan “schouwden” wij niet...

De vijfde avond gaat dan in op het werk van Teresa van Avila (1515 – 1582), met name haar werk “De innerlijke burcht”. Omdat de waarlijke mystieke ervaring buiten de taal staat, woorden ontoereikend zijn om over te kunnen dragen, wordt vaak beeldtaal of poëzie gebruikt om in gelijkenissen te kunnen spreken. Teresa van Avila gebruikt de in haar tijd bekende plattegrond van een burcht (een kasteel) om op zielsniveau de verblijven aan te geven waar men geestelijk verblijft in de mystieke opgang. De laatste kamer in de burcht, daar valt niets meer over te zeggen, deze is voorbij de mogelijke visioenen, daar waar elk beeld ontbreekt. Het is de kamer waar het Goddelijke in de ziel doorbreekt.

Opbouw van de avonden

Belangrijk is dat het hier geen lezingen betreffen “over” de genoemde mystici. Wie geïnteresseerd is in hun levensbeschrijvingen, de data van de totstandkoming van bepaalde werken of de tijd waarin ze leefden kan in bibliotheken, of op internet, genoeg aan feitenkennis vinden. Deze avonden zijn bedoeld om bepaalde teksten “in ons op te nemen”, om hun woorden te ervaren, om uit te wisselen. Hoe zijn deze mystici in staat om ons over de eeuwen heen nog steeds te bereiken? Die mogelijkheid is aangegeven in de ondertitel van deze avonden, het in contact komen met “tijdloze mystiek”. Eeuwigheid is een tijdsbegrip waarin de tijd juist buitenspel gezet wordt. Dat is geen taalspelletje of een logisch begrip, maar een ervaringsgegeven. Het gaat in de kern niet om “begrijpen” maar om “grijpen”, of, paradox: “om gegrepen te worden”. Precies dat ervaringsgegeven is wat mystici proberen over te dragen. Welke teksten kunnen dat?

Elke avond wordt er een keuze uit tekstfragmenten behandeld. Behalve een aangereikte tekst wordt aan elke deelnemer gevraagd, voor zover men op die manier wil deelnemen, een eigen favoriet fragment van de mysticus/mystica van die avond mee te nemen (maximaal een kwart A4). De behandeling van de teksten betreft de uitwisseling, de onderlinge verkenning, in dialoog. De vorm is dus geen discussie, geen stellingname en geen poneren van meningen. Het doel is om op een interactieve manier de dieper gelegen betekenis, de duiding van teksten, tot ons te nemen. Behalve het bespreken ervan kan er ook mogelijk ruimte genomen worden om na een tekstbehandeling een meditatieve stilte te houden. Elke avond zal vanwege de grote inbreng van de deelnemers op zichzelf staan, en in die vorm dus uniek en eenmalig zijn.

Gespreksleiding

De avonden worden geleid door Fredrika Visser. Sinds 2015 is zij actief betrokken bij het Soeficentrum Rotterdam. Vanaf 1998 onderzoekt zij na haar mystieke ervaring op verschillende manieren de diverse aspecten van het begrip “mystiek”. Zij heeft wat het Soefisme betreft begeleiding ontvangen van Mahmood Khan en in het centrum al vele lezingen over het werk van Hazrat Inayat Khan gegeven. Haar uitgangspunt valt samen met de ervaringskennis van alle mystici, over de eeuwen heen: De mogelijkheid van vereniging van de menselijke ziel met de Goddelijke Werkelijkheid.

Aanmelden

Mede door dit unieke jaar, 2020, met een pandemie en dientengevolge allerlei voorschriften in verband met het voorkomen van verdere verspreiding, zijn wij gebonden aan de voorschriften.
Er is een beperkt aantal deelnemers vanwege de afstandregels.
Inschrijving vooraf is verplicht. Daarna de afspraak: bij ziekte, blijf thuis.

Data

Maandagen, avonden van half acht tot half tien
Vanwege COVID 19 zijn de oorspronkelijk geplande data vervallen en is de serie avonden uitgesteld tot wanneer het weer veilig mogelijk is. De nieuwe data worden tijdig bekend gemaakt.

Voor het Soeficentrum en de zaal wordt een bijdrage gevraagd van € 10,- per avond. Dit bedrag komt geheel aan het centrum ten goede. De hoogte is mede tot stand gekomen om het gebrek aan inkomsten vanwege de pandemie gedeeltelijk te compenseren. Aanmelden per mail naar centrumleider Bauke de Wreede. Het bedrag dient vóóraf overgemaakt te worden op de bankrekening met vermelding van de datum en mysticus. Nadere gegevens over betaling e.d. ontvangt u in de bevestigingsmail van deelname.

Inschrijvingen worden behandeld op volgorde van binnenkomst, maar inschrijvingen voor alle avonden hebben voorrang

Bij afwezigheid door ziekte volgt restitutie.

Ga terug naar de informatiepagina